'Mogelijk nieuwe zoekactie naar Tanja Groen' | Belgische gedetineerde noemt namen daders (UPDATE)
In dit artikel:
De Belgische gedetineerde Johan V. (55), tot levenslang veroordeeld voor een moord, heeft de politie informatie gegeven over de verdwijning van de 18‑jarige studente Tanja Groen uit Schagen, die na een studentenfeest in Maastricht in de nacht van 31 augustus op 1 september 1993 spoorloos verdween. Volgens berichtgeving van regionale kranten meldde Johan V. zich in 2025 bij onderzoekers en heeft hij sindsdien minstens drie keer verklaard welke twee mannen betrokken zouden zijn geweest: een man die Tanja en haar fiets meenam en een ander die haar zou hebben vermoord. Hij noemde ook een plek in Maastricht waar zij begraven zou liggen. De politie heeft inmiddels naar verluidt de uitkomst van een dna‑vergelijking tussen sporen uit de zaak‑Groen en materiaal uit het Dutroux‑onderzoek, maar die uitslag is nog niet publiek gemaakt.
Tanja was eerstejaarsstudent gezondheidswetenschappen in Maastricht en woonde op kamers in Gronsveld. Na een ontgroeningsweek en een feest van studentenvereniging Circumflex verliet zij de soos in de Herbenusstraat in de avond van 31 augustus 1993. Rond 19.30–19.50 uur belde ze nog haar moeder; daarna verdween ze. Haar fiets is nooit teruggevonden. Sindsdien leverde het onderzoek herhaaldelijk geen definitief antwoord op wat er met haar is gebeurd.
Johan V. komt uit het Belgische Herk‑de‑Stad en werd in 2002 veroordeeld tot levenslange celstraf voor de moord op Ron Bening; hij raakte betrokken bij de softdrugshandel en pleegde die latere geweldsdaad in Nederland, waarna hij in België werd aangehouden en veroordeeld. In zijn recentelijke verklaringen zegt hij dat Tanja is misbruikt, gedood en begraven, en dat minstens twee mensen betrokken waren. Volgens V. leeft degene die achter de ontvoering en dood zou zitten nog. Het rechercheteam overweegt op basis van deze nieuwe informatie een nieuwe graafactie.
Een mogelijke drijfveer voor V. om naar buiten te treden is strategisch: in België kunnen gedetineerden met een levenslange straf na vijftien jaar een verzoek indienen voorwaardelijk vrijgelaten te worden. Medewerking aan cold cases en het verstrekken van bruikbare informatie kan bij de beoordeling van zo’n verzoek een rol spelen. Bovendien bestaat er kans op een beloning als zijn tip daadwerkelijk tot doorbraak leidt. Zowel V.’s advocaat als het Openbaar Ministerie hebben tot op heden geen commentaar gegeven.
Het dossier rond Tanja kent al jaren vele zoekacties en verdachtmakingen zonder doorslaggevend resultaat. In 2014 werden in de bossen van Gronsveld botresten gevonden die aanvankelijk aan haar werden gelinkt, maar later niet bleken te horen bij Tanja. In 2012 en 2013 werden meerdere keren naar haar fiets gezocht; ook in 2014 vonden particuliere zoekacties plaats. In januari 2020 doorzocht de politie een graf op een begraafplaats in Heugem naar aanleiding van informatie uit 2019; dat leverde niets op. Een eerdere verdachte die uitgebreid is onderzocht, de inmiddels overleden Willem Smulders, heeft in het verleden in verband gestaan met de zaak, maar ook dat spoor bracht geen doorbraak. Ook is al langere tijd gekeken of er verbanden bestaan met de Belgische seriemoordenaar Marc Dutroux: dna‑sporen uit het Dutroux‑onderzoek zijn vergeleken met sporen uit de zaak‑Groen en de uitslag daarvan is, volgens De Limburger, bekend bij de politie maar nog niet openbaar.
Samenvattend heeft een veroordeelde die in België levenslang zit nieuwe namen en een begraafplaatslocatie genoemd en mogelijk cruciale dna‑vergelijkingen zijn afgerond. Of dit leidt tot een concrete doorbraak — zoals een nieuwe opgraving, vondst of arrestatie — is nog onduidelijk; onderzoekers en betrokken instanties houden zich tot nu toe op de vlakte.