Man uit Eindhoven vrijgesproken na PGP chats met broer over liquidaties voor 20 tot 35.000 euro per persoon
In dit artikel:
Een man uit Eindhoven is door de rechtbank Oost-Brabant vrijgesproken van het voorbereiden van liquidaties en zware geweldsdelicten. De zaak draaide om chatgesprekken via versleutelde telefoons in april en mei 2020, waarin de verdachte, een medeverdachte en diens broer plannen bespraken voor moordaanslagen, mogelijke uitvoerders zochten en bedragen (20.000–35.000 euro) noemden. Ook werd informatie over voertuigen en soms het uiterlijk van doelwitten uitgewisseld. In de schuur en een garagebox van de medeverdachte vond de politie een auto en een motorscooter met valse kentekenplaten.
Het Openbaar Ministerie stelde dat deze feiten en de aangetroffen voertuigen duidden op strafbare voorbereiding. De verdachte hield vol dat hij onder invloed van alcohol en softdrugs handelde, in een kwetsbare mentale staat was en alleen blaamspraak leverde. De rechtbank vond die verklaring deels ongeloofwaardig omdat de gesprekken concreet en doelgericht waren, maar oordeelde dat dat op zichzelf niet genoeg is: de wet vereist ook dat iemand voorbereidingsmiddelen heeft verworven of in bezit had die bij de uitvoering gebruikt zouden worden. De versleutelde telefoons werden niet bewezen als zodanig aangemerkt en de voertuigen stonden bij de medeverdachte, niet bij de verdachte. De medeverdachte moet zich later nog verantwoorden.