Gerben Post beschrijft afgrijselijke omstandigheden van moordmachine Mauthausen

zaterdag, 11 april 2026 (10:21) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Historicus Gerben Post schetst in zijn boek Laat varen alle hoop een indringend en gedetailleerd beeld van de gruwelijkheden in concentratiekamp Mauthausen. Aan de hand van archiefonderzoek en getuigenissen reconstrueert hij hoe gevangenen van 1941–1945 systematisch werden uitgebuit, mishandeld en vermoord; van de in Mauthausen geïnterneerde Nederlanders overleefde naar schatting slechts tien procent.

Mauthausen, nu een rustig dorp aan de Donau, functioneerde tijdens de oorlog als een moordmachine. Gevangenen moesten onder dreiging van zwepen en knuppels zware granietblokken de steengroevetrap op sjouwen; wie een steen liet vallen, werd onmiddellijk gedood. Bewakers voerden sadistische straffen uit: gevangenen werden gedwongen van hoge punten te springen, opgehangen, doodgeslagen, vergast of met injecties om het leven gebracht; anderen waren slachtoffer van medische experimenten, ziekten, honger en structurele mishandeling. Uit overlevendenverslagen komt een beeld naar voren van geplunderde menselijkheid — kinderen werden in brandputten geworpen, er waren meldingen van kannibalisme en mensen die uit wanhoop een einde aan hun leven maakten.

Ook Nederlandse slachtoffers en geheime agenten die na hun landing in Nederlandse handen vielen, werden naar Mauthausen gedeporteerd; hun vroegtijdige overlijdensberichten gaven het kamp in Nederland al snel een afschrikwekkende reputatie. Naast mannen zaten ook honderden vrouwen in het kamp; ook hen troffen extreme vernedering en geweld. De bewakers fantaseerden over steeds nieuwe vormen van marteling: hete douches gevolgd door natspuiten in de vrieskou, het inzetten van honden die gericht werden op de geslachtsdelen van gevangenen, en het plegen van moorden om overlevenden van de kou en honger te besparen.

Bij de nadering van de bevrijding probeerde kampcommandant Anton Ganz de sporen uit te wissen en zette gevangenen onder valse voorwendselen de bergtunnels in — in werkelijkheid lagen daar explosieven om de laatste gevangenen te doden. Dankzij een vertaler die voorlichting gaf en het besluit van gevangenen om zijn advies niet te volgen, overleefden velen uiteindelijk de laatste uren; SS’ers verlieten tenslotte de posten.

Na de oorlog werden enkele bewakers voor de rechter gebracht; justitie eiste voor sommigen de doodstraf. Ter nagedachtenis en als waarschuwing werd in Nederland in 1984 de Stichting Vriendenkring Mauthausen opgericht. Emile Schrijver, in het voorwoord van Posts boek, benadrukt dat de gedenkplaats geen oproep tot haat is maar een zwijgende waarschuwing: herinnering aan deze feiten is essentieel om te waarschuwen tegen het verlies van menselijke waardigheid en om de basis van vrijheid en vrede te blijven eerbiedigen. Post’s boek dringt die herinnering opnieuw aan ons op.