Amerikaanse militairen vechten in Ecuador tegen drugskartels
In dit artikel:
Amerikaanse militairen zijn rechtstreeks betrokken geraakt bij anti-drugsoperaties in Ecuador. Daarmee gaat de Amerikaanse aanpak onder president Donald Trump verder dan traditionele steun met geld, training en inlichtingen. Drugskartels worden door Washington steeds vaker behandeld als terroristische tegenstanders, waardoor militair geweld wordt ingezet.
Op 24 september voerden ongeveer 320 Ecuadoraanse politiemensen samen met vijftig militairen van het Amerikaanse Southern Command, DEA-agenten en een Amerikaanse aanklager invallen uit in meerdere provincies. De actie was gericht tegen een netwerk dat volgens de autoriteiten samenwerkte met het Mexicaanse Cártel Jalisco Nueva Generación (CJNG). Het netwerk zou cocaïne uit Colombia via de havens van Guayaquil en Machala naar de Verenigde Staten en Europa hebben verscheept. Meer dan dertig verdachten werden opgepakt, onder wie de vermoedelijke leider en financier; volgens de regering ging het om minstens zeven ton drugs. Amerikaanse militairen betraden voor het eerst woningen, ondersteunden speciale eenheden en onderzochten digitale apparatuur. De arrestaties werden door Ecuadoraanse agenten uitgevoerd.
De intensievere samenwerking begon in maart, toen Amerikaanse en Ecuadoraanse strijdkrachten gezamenlijk een aanval uitvoerden op een complex van de als terroristisch aangemerkte groep Comandos de la Frontera. President Trump meldde die operatie aan het Amerikaanse Congres als een militaire actie. Volgens hem hielpen Amerikaanse militairen bij de planning en uitvoering, maar raakten Amerikaanse grondtroepen niet rechtstreeks in gevecht.
Over de rechtmatigheid en uitvoering bestaan echter grote twijfels. Human Rights Watch zegt dat bij acties nabij de Colombiaanse grens vier mannen willekeurig zijn vastgehouden en mishandeld en dat gebouwen zonder aantoonbare band met georganiseerde misdaad zijn vernield. Ook Amerikaanse senatoren hebben om uitleg gevraagd over de doelen, de Amerikaanse rol en de juridische grondslag.
Op 23 september werd in Manabí Carlos Germán Muñoz Jara, alias ‘Charlie’, gedood tijdens een operatie van het Ecuadoraanse leger met Amerikaanse ondersteuning. Hij werd door Ecuador beschouwd als een belangrijke logistieke en financiële schakel tussen Los Choneros, Colombiaanse groepen en het CJNG.
Daarnaast voeren Amerikaanse eenheden voor de Ecuadoraanse kust steeds meer acties uit. Sinds eind augustus zijn minstens acht Ecuadoraanse schepen onderschept en meerdere vernietigd, omdat ze volgens Southern Command als bevoorradingsstations voor drugssmokkelboten dienden. Een rechter liet 28 vissers vrij nadat bleek dat schepen zonder rechterlijke toestemming waren vernietigd. Vissers en mensenrechtenorganisaties zeggen dat ook onschuldige vissers slachtoffer zijn van gewelddadige intercepties.
De uitbreiding is politiek gevoelig. Ecuadoranen verwierpen in november 2025 met ruim 60 procent een voorstel om permanente Amerikaanse militaire bases mogelijk te maken. Een in 2024 gesloten overeenkomst staat Amerikaanse operaties onder voorwaarden wel toe, maar werd door het constitutionele hof omschreven als samenwerking en niet als wederzijdse militaire verdediging.
Vandaag Inside: Valentijn Driessen legt pijnpunt bloot bij Oranje: 'Die twee zijn veel te zeker van hun plaats!'